Chris Kouwenhoven


Fiets knie (biker's knee)


Knieklachten zijn de meest voorkomende klachten bij fietsers. Een meerderheid van deze klachten wordt veroorzaakt door irritatie achter de knieschijf, ook wel Biker's knee en R.P.C. geheten. Vele mechanische en anatomische oorzaken komen echter ook in aanmerking als oorzaak en dienen eerst uitgesloten te worden alvorens de diagnose Bikers knee gesteld mag worden. In de beginfase van knieklachten, vooral wanneer ze berusten op een pijnlijke peesaanhechting, kan men in eerste instantie een zadelverlaging van 2 tot 1 cm uitproberen.

Het kraakbeen van de knie en het gewrichtsvocht daarin functioneren als bescherming tegen overmatige belasting. Toch heeft men gelukkig nooit aangetoond dat kraakbeenslijtage door sportbeoefening optreedt. Wielrennen is een huwelijk van 2 machines. Helaas passen sommige fietsers echter absoluut niet bij hun fiets, waardoor het mis gaat en er knieblessures optreden.

Werner Pulles is orthopeed in Tiel en maakt deel uit van de Medische Commissie van de KNWU. Hij vergeleek eens de druk op de knieschijf tijdens krachtig aanzetten zoals b.v. tijdens een helling opfietsen, met de druk die op een salontafel komt als er een binnenschip op geplaatst zou worden, n.l. 50kg/cm2. Te grote of te langdurige druk geeft dan pijn als signaal, vaak voor het eerst na afloop van een wat langerdurende of intensievere belasting m.n.'s nachts. Het belangrijkste probleem vormen de langer aanhoudende knieklachten, die dan niet meer alleen na het fietsen, maar ook tijdens het gewone lopen gevoeld worden. Het gaat daarbij om overbelasting, waarbij de belasting van de training of wedstrijd de belastbaarheid b.v. door de getraindheid overschreden heeft. Kniepijn is dan ook de meest voorkomende chronische blessure bij wielrenners en vormde 30 tot 40% van de klachten waarmee renners bij mij op het spreekuur kwamen. Bij hardlopers is daarbij meestal sprake van Runner’s knee en bij fietsers van Biker's knee. Kenmerkend hiervoor zijn klachten achter en rondom de knieschijf en vaak ook in de kniekuil gevoeld, die verergeren bij drukverhoging (zwaar verzet, heuvelachtig parcours, traplopen) en klachten wanneer men lang in een zelfde houding heeft gezeten, de zogeheten theaterknie. De pijn wordt ook vaak als startpijn en na de inspanning gevoeld. Verder een "givingway" gevoel, d.w.z. het gevoel er doorheentegaan bij begin van de belasting, soms met vocht in de knie en het gevoel dat de knie op slot gaat.

Kniebewegingen

De kwetsbaarheid van de knie hangt samen met de anatomische kenmerken van het kniegewricht. Bovendien is de constructie van dit gewricht alleen maar gericht op buiging en strekking en zijn draaiing en zijwaarts bewegen nauwelijks mogelijk. Er is rond de knie een ingewikkelde anatomische warwinkel van spieren. Tijdens het buigen en strekken van de knie is een goed samenspel van deze spieren noodzakelijk. Zo zal tijdens strekking van de knie door samentrekking van de Quadriceps spier, ontspanning van de hamstrings optreden. Zijn deze laatste verkort b.v. door het achterwege laten van rekkingoefeningen, dan zal beenstrekking beperkt en pijnlijk zijn met name wanneer het zadel hoog staat. De kniebuiging komt tot stand door de hamstrings en de Gastrochnemius spier van het onderbeen. Het rondtrappen kan in een viertal fasen worden opgedeeld, waarbij verschillende spieren werkzaam zijn. Uitgangspunt voor een goede pedaaltred, is de poging gedurende het rondgaan van de trapper gelijkmatig en voortdurend loodrecht op de trapper, werkzaam als hefboom, kracht uit te oefenen. In de praktijk worden echter wisselende krachten uitgeoefend.

Voorkomen

Knieklachten zijn te voorkomen door en aantal specifieke adviezen ter harte te nemen. Bereid je knieën voor op de belasting van het seizoen, door ’s winters op souplesse kilometers te maken. Ook trainen op de rollerbank is en goede voorbereiding, waardoor en gelijkmatige pedaaltred optreedt, die gunstiger is voor de kniebelasting dan het bekende stoempen. Ook specifieke krachttraining, draagt daartoe bij. Begin in eerste instantie met oefeningen zonder gewichten zoals squads. Na enkele weken ga je dan met lichte gewichten werken, b.v. 3 sets van 20 tot 30 herhalingen. Verhoog daarna het gewicht geleidelijk. Draag altijd sportzooltje in je wielrenschoenen. Zorg met name ’s winters voor een algehele atletische fitheid, door ook andere sporten zoals zwemmen en hardlopen te bedrijven. De belangrijkste voorzorgsmaatregel is de goede afstelling van de pedalen.

Pedalen

De invloed van toeclips is voor de kracht en snelheid nooit aangetoond. Deze dragen wel bij aan de stabiliteit. Staande fietsen geeft een toename van de trapkracht in fase 1 en 2 en afname in fase 3 en 4. Bovendien werkt dan de bilspier krachtiger, waardoor de heup makkelijker strekt. Idealiter volgt de voet gefixeerd door de voetplaatjes de draaibeweging van het pedaal. Veel fietsers draaien tijdens het strekken en buigen van de knie met hun voet naar binnen, respectievelijk naar buiten. Bij buiging van de knie, gaat het onderbeen naar binnen, bij strekking draait het naar buiten. Bij zeer krachtig aanzetten, draait bij veel fietsers, blijkens videoopnames, ook tijdens het strekken van de knie het onderbeen naar binnen. Daarbij schuift de knieschijf naar binnen, hetgeen een behoorlijke stress kan vormen voor het kraakbeenoppervlak en daarbij pijn veroorzaakt. Het naar binnen brengen van de knieën naar de dwarse buis, hetgeen vaak goed zichtbaar is als men achter de betreffende renner rijdt, is een compensatie mechanisme, dat gunstig is voor de knie. Bij strakke fixatie van de voeten zoals vroeger met strak aangetrokken riempjes zijn de genoemde bewegingen minder goed mogelijk, en dit zal aanleiding kunnen geven tot wringen met de knie en kniepijn. Bij clipless pedalen is deze natuurlijke voetbeweging veel beter, dan bij de vroegere pedalen. Het goed afstellen van de voetplaatjes is uiteraard van groot belang. Bij 90% van de renners staan de voeten iets naar buiten, bij de overigen staat de voet precies in het midden of iets naar binnen. De voetplaatsjes dienen hieraan aangepast te worden.

Beleid

In eerste instantie dient bij knieklachten uiteraard zwaardere belasting van de knie vermeden te worden. Geen wedstrijden, trainen met een geringere intensiteit en duur, met een kleiner verzet, een warme kniebedekking en na afloop ijspakking, ongeveer 20 minuten. Ook oefeningen volgens Janda komen in aanmerking, d.w.z. afwisselend rekken en aanspannen van de bovenbeenspieren en hamstrings. Bij beginnende knieklachten, is het zinvol, oefeningen te beginnen waarbij de binnenzijde van de bovenbeenspier gestimuleerd wordt. Een band om de knieschijf, evt. als enkele strookjes sporttape aan de onderrand van de knieschijf doet soms wonderen. Bij platvoeten en knieklachten kunnen sportzooltjes heilzaam zijn. Er bestaat een redelijk geaccepteerde maat voor een optimale hoogte afstelling van het zadel. Berekend wordt de kruishoogte, zijnde de afstand vanaf de grond, met licht gespreide voeten, tot aan de onderrand van schaambeen. bij veel gespecialiseerde fietswinkels heeft men apparatuur, waarmee men deze maat exact opmeet. Deze kruishoogte (cm) wordt met 0.885 vermenigvuldigd en dient dan overeen te komen met de afstand tussen middelpunt van de trapas en bovenkant van het zadel. De krachtontwikkeling in de bovenbeenspieren is sterk afhankelijk is van de zadelstand. Hoe hoger het zadel, hoe meer kracht ontwikkeld kan worden. Zadelverhoging geeft daarom meestal geen verlichting. Bij minder krachtig pedaleren door een lichter verzet en met een lagere zadelstand de strekking wordt niet afgemaakt en daardoor is het hefboom effect geringer zullen de klachten daarentegen wel dragelijk blijven. Zo zagen miljoenen kijkers enkele jaren geleden tijdens de Ronde van Frankrijk dan ook Bernard Hinault in de afdaling van de Izoard met een inbussleutel zijn zadelstand verlagen omdat hij weer last van zijn onwillige knie had gekregen.

Beenlengteverschil

Een beenlengteverschil van meer dan 1 cm betekent in ieder geval dat slechts voor 1 been een optimale zadelstand mogelijk is. Het blijkt dat naar mate het wedstrijd niveau toeneemt, een beenlengteverschil van grotere betekenis is, waardoor het toch zinvol kan zijn kleine verschillen te corrigeren. Zo kan een niet gecorrigeerd beenlengteverschil leiden tot kniepijn, aan de buitenzijde met name bij strekken of tot pijn aan de binnenzijde van het bovenbeen. Bij klachten zal men daarom de voetplaatjes moeten aanpassen en een extra sportzooltje aan de kortere kant toevoegen. Eventueel een extra tussenplaatje aanbrengen onder de schoen, via een gespecialiseerde verkoper, zoals b.v. de firma Rose in Bocholt. Het gebruik van cranks met verschillende lengte is te ontraden. De genoemde draaibewegingen in het onderbeen tijdens buigen en strekken van de knie, treden niet bij iedereen in gelijke mate op, maar blijken bij renners met knieklachten veel vaker duidelijker aanwezig. Ook bij platvoeten treedt dit naar binnen draaien van het onderbeen bij strekken van de knie in sterkere mate op. Door regelmatige trainingen op de fiets wordt de vastus medialis spier minder sterk dan de vastus lateralis spier, hetgeen een rol kan spelen bij Biker’s knee klachten. Hierop zijn de quadriceps oefeningen gericht. Dit bestaat uit het dagelijks enkele malen zitten op een verhoging, b.v. een tafel, en met een gewichtje aan de voet het been volledig strekken; daarbij het gestrekte been een 10 tal seconden omhoog te houden; herhaal dit een 10 tal keer.

Specialistenwerk

Behandeling van knieklachten zal vaak bij een fysiotherapeut geschieden, maar wanneer dat geen effect heeft, dan komt een verwijzing naar de Orthopeed in aanmerking. Dit leidt dan nogal eens tot een artroscopie, de kijkoperatie. Een voordeel van artroscopie is dat trainingshervatting op de fiets binnen enkele dagen weer mogelijk is. De belastbaarheid is echter nog gering, zodat een aangepast trainingsschema gevolgd moet worden. Als dan na afloop van een training de knie verdikt is, is dat een teken dat men de knie nog te zwaar belast heeft. Soms zal de artroscopie uitmonden in verwijdering van een meniscus. Dan duurt het minstens een half jaar voordat de sporter weer op een redelijk sportniveau arriveert. Toch zal een dergelijke knie nooit meer worden wat hij was. Er zal veel eerder sprake zijn van knieklachten bij zwaardere belasting en in de knie zal zich makkelijk vocht ophopen. Tijdens artroscopie worden soms opboringen van het bot verricht bij ernstig aangetast kraakbeen, ter reparatie. Dit geeft wisselende resultaten

Literatuur

Havenith G. Atlanta 1996. Praktische aanwijzingen voor inspanning in de hitte. Geneeskunde en Sport 29(1996):1621

Insider News on Sport Nutrition, vol 4, nr 2 (1996)

Bike Fit Set Up 2 Ranges and Angles Saddle Height


Advertentie